Leermogelijkheden

Deze leermogelijkheden worden door gebruik van smartphones mogelijk gemaakt. Niet elke smartphone heeft alle functies, dus let daar op bij de aanschaf van smartphones. Bij sommige leermogelijkheden staat een voorbeeld hoe je dit aan kunt pakken. 

De inspiratiebronnen zijn uitgevoerde lessen en maken gebruik van deze leermogelijkheden. Elke inspiratiebron vermeldt welke leermogelijkheden benut worden. 

 

Visueler onderwijs

De film en foto mogelijkheden zorgen ervoor dat leerlingen en leerkrachten visuelerkunnen leren. Men moet er rekening mee houden dat het scherm klein is en daardoor niet geschikt voor decoratieve afbeeldingen in de tekst. Beter is het dan om de tekst helemaal te vervangen voor afbeeldingen of een film(pje). Leerlingen leren beter van beeld en geluid dan van slechts een van de twee. 

Een voorbeeld: uitleg over de groei van kikkerdril in een kikker. Verschillende plaatjes achter elkaar laten de ontwikkeling zien. Ondertussen is de ingesproken tekst af te luisteren. Na deze theorie krijgt de leerling de opdracht om in de sloot een foto te nemen. Op de foto moet een kikker (in wording) staan. Afhankelijk van de tijd van het jaar is dat kikkerdril, kikkervisjes of een kikker. 

Samenwerking

Leerlingen hebben meer mogelijkheden om contact te houden met groepsgenoten terwijl zij bezig zijn met hun deel van de groepstaak. Deze vorm van samenwerken betekent dat opdrachten vaak zowel een individuele component hebben (bijv. zoek dit en dat uit over het thema) als een groepscomponent (bijv. maak er een samenhangend geheel van). Ook hebben leerlingen meteen toegang tot informatie terwijl ze aan het overleggen zijn en kunnen dit makkelijk bespreken.

Een voorbeeld: leerlingen krijgen elk een eigen rol. De ene leerling is journalist, de andere fotograaf. Samen moeten ze een krantenartikel schrijven over het project van een derde leerling. In plaats van een krantenartikel kan men ook een journaal-item maken met cameraman en presentator. 

Een voorbeeld: leerlingen krijgen maar een deel van de informatie. Leerling A heeft een Engelse woordenlijst en krijgt regelmatig nieuwe woorden toegestuurd van de leerkracht. Leerling B heeft een aantal rebussen in het engels die opgelost moeten worden. Leerling C moet de oplossingen invullen op youtube en krijgt dan een liedje. Samen moeten ze de tekst hiervan vertalen. 

Auditiever onderwijs

De mogelijkheden om muziek/geluid af te spelen en op te nemen betekenen dat het onderwijs auditiever van vorm kan. Zeker voor leerlingen die auditief ingesteld zijn, is dit prettig werken. Door opnames kunnen de leerlingen bijvoorbeeld een interview luisteren of een (moeilijke) les opnieuw beluisteren. Tijdens het begrijpend lezen kan een leerling het mp3 bestand van de moeilijke tekst erbij pakken. Ook het zelf maken van opnames is relevant. 

 

Verslag leggen

De leerling kan op verschillende manieren verslag leggen van alles wat hij/zij leert; visueel (foto/film), auditief (geluid/film), aan de hand van locaties, via tekst en door meteen te bellen met de leerkracht. Verslag leggen kan de leerling doen om iets nieuws mee te nemen de klas in. Bijvoorbeeld een onbekend verkeersbord. Maar ook om te laten zien dat hij iets geleerd heeft, zoals een vlekkeloos voorgelezen verhaaltje. 

 

Leren op locatie

De functies gps, kompas en de bewegingssensor maken leren op locatie mogelijk. Het toestel weet waar de leerling zich bevindt en welke kant hij/zij op kijkt en kan dus aangepaste informatie leveren. Deze informatie kan door de leerkracht in het toestel gezet zijn, of via internet binnengehaald worden.

Een voorbeeld: in een stad geeft de smartphone aan waar de stadsmuur liep of een bepaald gebouw heeft gestaan. Dit kan op een kaart worden weergegeven, of door een filmpje of foto/ uit die tijd. 

Contact houden

Door de verschillende manieren van contact houden (bellen, smsen, mailen), kunnen leerlingen makkelijker samenwerken en interactie hebben met anderen. Binnen hun eigen groepswerk als ze even alleen op pad zijn, of met andere groepen, bij het raadplegen van experts en om hulp vragen van de leerkracht.

 

Actief leren

De leerling is actief met de smartphone (kiezen van functies) en is dus ook actief aan het nadenken over zijn eigen leerproces. Daarnaast kan de leerling ook lichamelijk actief zijn, bijvoorbeeld door te lopen of tijdens een filmopname (als hij/zij figureert in de film van een medeleerling). Leerlingen die open vragen krijgen en zelf een antwoordmogelijkheid kunnen kiezen, moeten actief nadenken over hoe ze iets willen laten zien later. Willen ze een geluidsopname laten horen, of een filmpje of tekst? 

 

Naslagwerk

Het opzoeken en raadplegen van informatie gaat door de verbinding met internet erg gemakkelijk. Ook de onderwerp gerelateerde software, als deze voorradig is, is geschikt hiervoor. De leerling heeft zo altijd toegang tot informatie en de smartphone wordt daarmee een naslagwerk

 

 

Individueel leren

Omdat leerlingen elk een smartphone hebben, wordt leren individueler. Leerlingen kunnen, wanneer zij de smartphone tot hun beschikking hebben, zelf beslissen waar ze mee bezig zijn. Ook de leerstrategieën die de leerling gebruikt worden dan aangepast aan de eigen voorkeur. Gevolg hiervan is dat leerlingen elk hun eigen kennis opdoen. De kennis kan wel over hetzelfde onderwerp kan gaan, maar richt zich op andere delen. Dit kan de samenwerking weer bevorderen.